Datum: 5 september 2007

Opsteller: Mari Marinussen

Akkoord secretaris:


Vastgesteld door College

Datum: 1 oktober 2007

Voorzitter:


            (HER)BEOORDELING NIET-GEPRIORITEERDE GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN

                Targa Prestige, 11155 N

 

Ingevolge het door u op woensdag 13 juni 2007 (C-182.4) vastgestelde Plan van Uitvoering voor de (her)beoordeling van niet-geprioriteerde gewasbeschermingsmiddelen en biociden, zijn reeds toegelaten gewasbeschermingsmiddelen en biociden geëvalueerd. De evaluatie heeft plaatsgevonden conform de werkwijze en procedure die in de notitie “Aanwijzingen (her)beoordeling niet-geprioriteerde gewasbeschermingsmiddelen en biociden is beschreven (11 juli 2007, C-183.5).  Bijgaande treft u het beoordelingsrapport aan van het gewasbeschermingsmiddel Targa Prestige (11155 N).

 

Voor dit gewasbeschermingsmiddel is een aanvraag als bedoeld in artikel 25d Bestrijdingsmiddelenwet 1962 ingediend. Dit middel bevat de werkzame stof quizalofop-P-ethyl. Het voor een beoordeling van dit middel verschuldigde tarief is op 16-07-2007 ontvangen. Uit het beoordelingsrapport volgt dat de effecten van het middel op mens, dier en milieu aanvaardbaar zijn, gelet op het gehanteerde toetsingskader.

 

Voorgesteld wordt om het middel op te nemen in de lijst als bedoeld in artikel 122, lid 1 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.

 

Een parallelle en afgeleide toelating volgt het toelatingsregiem van het gewasbeschermings-middel waar het van is afgeleid. Van het hier beoordeelde gewasbeschermingsmiddel is het volgende gewasbeschermingsmiddel afgeleid dan wel parallel toegelaten:

-          Pilot (12279 N)

 

Van het afgeleide dan wel parallel toegelaten middel is geen beoordelingsrapport opgesteld. Het toepassingsgebied van dit middel is maximaal dezelfde als het toepassingsgebied van het middel waarvan de toelating is afgeleid zodat de conclusie in het rapport van het middel waarvan het is afgeleid dezelfde is. Bij de indiening van de aanvraag is het verschuldigde tarief voldaan. 

 

Voor de verdere toelating van het middel Targa Prestige (11155 N) moet een nieuwe toelatingstermijn worden vastgesteld. Gelet op het Europese beoordelingsprogramma voor de beoordeling van werkzame stoffen wordt voorgesteld een periode voor verdere toelating vast te stellen die aansluit op het tempo waarin het Europese beoordelingsprogramma wordt afgerond. Het Ctb stelt de toelatingstermijn daarom vast totdat uiterlijk uitvoering moet zijn gegeven aan de communautaire maatregel met betrekking tot de opname van de werkzame stof in de Bijlage I van de Gewasbeschermingsmiddelenrichtlijn 91/414/EEG.

 

Besluit

Het Ctb besluit:

-          Het gewasbeschermingsmiddel Targa Prestige (11155 N) wordt opgenomen in de lijst als bedoeld in artikel 122, lid 1 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden;

-          Het middel wordt toegelaten voor de termijn die afloopt op de dag dat uiterlijk uitvoering moet zijn gegeven aan de communautaire maatregel betreffende de opname van de werkzame stof quizalofop-P-ethyl in Bijlage I van richtlijn 91/414/EEG.

 

 

(HER)BEOORDELING NIET-GEPRIORITEERDE GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN

 

BEOORDELINGSRAPPORT

 

GEWASBESCHERMINGSMIDDEL

 

 

 

TARGA PRESTIGE, 11155 N

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

College voor de toelating van bestrijdingsmiddelen

Wageningen


INHOUDSOPGAVE

 

 

Inleiding

Beschrijving van het reeds toegelaten middel

Risico-evaluatie HUMANE TOXICOLOGIE

Risico-evaluatie MILIEU

Eindconclusie

Etikettering en WG/GA

Bijlage 1 GAP tabel


INLEIDING

 

In artikel 122 van  de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden is een voorziening getroffen om (toegelaten) een middel met een niet-geprioriteerde werkzame stof op een lijst te plaatsen en de toelating van dat middel te verlengen totdat voldaan moet zijn aan het bepaalde in de communautaire maatregel betreffende de werkzame stof. Om voor deze toelating in aanmerking te komen moet er een aanvraag zijn ingediend op grond van artikel 25d van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 en moet bij de verdere toelating van het middel naar behoren rekening worden gehouden met de effecten van dat middel op de mens, het dier, alsmede op het milieu, op basis van een dossier dat de nodige informatie bevat.

 

In dit kader is een doelmatige en doeltreffende werkwijze en procedure vastgesteld in het Plan van Uitvoering van 13 juni 2007. De beoordeling is uitgewerkt in de notitie “Aanwijzingen voor de (her)beoordeling van niet-geprioriteerde gewasbeschermingsmiddelen en biociden”. De voor dit middel uitgevoerde evaluatie, waarvan in dit beoordelingsrapport verslag wordt gedaan, strekt ertoe zeker te stellen dat de betrokken middelen inderdaad elk afzonderlijk afdoende op hun risico’s zijn beoordeeld.

 

 

BESCHRIJVING REEDS TOEGELATEN MIDDEL EN MEEST KRITISCHE TOEPASSING

 

Toegestaan is uitsluitend het gebruik als onkruidbestrijdingsmiddel:

  1. in de teelt van consumptie- en zetmeelaardappelen;
  2. in de teelt van suiker- en voederbieten;
  3. in de teelt van droog te oogsten erwten;
  4. in de graszaadteelt van Engels raaigras, veldbeemdgras, rood en hard zwenkgras, met dien verstande dat behandeld gras niet mag worden beweid of gemaaid ten behoeve van voederdoeleinden;
  5. in de teelt van winterkoolzaad;
  6. in de teelt van aardbeien;
  7. in de teelt van conservenerwten;
  8. in de teelt van prei;
  9. in de teelt van bloembollen, met uitzondering van tulpen;
  10. in de teelt van boomkwekerijgewassen;
  11. onder houtige beplantingen.

 

 

De meest kritische toepassing, waarbij  het meeste risico verwacht wordt, is de toepassing in consumptie- en zetmeelaardappelen en boomkwekerijgewassen.

 

 

Plaatsing annex I 91/414

nee

 

Toetsingskader

HTB 0.2  

RISICO-EVALUATIE HUMANE TOXICOLOGIE

 

TOEPASSINGSGEGEVENS

Het middel TARGA PRESTIGE op basis van de werkzame stof quizalofop-P-ethyl is uitsluitend toegestaan als onkruidbestrijdingsmiddel:

  1. in de teelt van consumptie- en zetmeelaardappelen;
  2. in de teelt van suiker- en voederbieten;

c.      in de teelt van droog te oogsten erwten;

  1. in de graszaadteelt van Engels raaigras, veldbeemdgras, rood en hard zwenkgras, met dien verstande dat behandeld gras niet mag worden beweid of gemaaid ten behoeve van voederdoeleinden;
  2. in de teelt van winterkoolzaad;
  3. in de teelt van aardbeien;
  4. in de teelt van conservenerwten;
  5. in de teelt van prei;
  6. in de teelt van bloembollen, met uitzondering van tulpen;
  7. in de teelt van boomkwekerijgewassen;
  8. onder houtige beplantingen.

De termijn tussen de laatste toepassing en de oogst mag niet korter zijn dan:

21 dagen voor droog te oogsten erwten, aardbeien, conservenerwten en prei en 60 dagen voor consumptie- en zetmeelaardappelen.

 

GRENSWAARDEN, werkzame stof 1:

Semichronische AOEL (systemisch)

Semichronische AOEL (systemisch)

0,017 (=1,19 mg/dag)

0,007 (=0,5 mg/dag)

mg/kg lg

mg/kg lg

DAR, januari 2007*

C43_3_7

Dermale absorptie

10

4 (concentraat)

12 (verdunning)

%

%

%

C43_3_7

DAR, januari 2007

DAR, januari 2007

ADI

0,0125

0,009

mg/kg lg

mg/kg lg

C43_3_7

DAR, januari 2007

ARfD

Niet bepaald, niet noodzalijk

mg/kg lg

DAR, januari 2007

* De DAR is nog niet door NL becommentarieerd.

 

KWALITATIEVE BEOORDELING

Professionele toepasser

 

In het collegestuk C43_3_7 is een arbeidstoxicologische risicobeoordeling uitgevoerd waarbij de blootstellling geschat is met behulp van modellen. Deze modellen zijn echter inmiddels verouderd en daarom is een nieuwe berekening uitgevoerd met behulp van EUROPOEM voor de meest kritische toepassing van TARGA PRESTIGE (0.15 kg ai/ha op o.a. suikerbieten). Bij deze berekeningen is uitgegaan van de eindpunten zoals deze in C43_3_7 bepaald zijn.

 

 

 

 

 

 

 

Route

Estimated internal exposure a (mg /day)

Systemic     AOEL     (mg/day)

Risk-index b

Mechanical downward spraying on cereals

Mixing/

Respiratory

0,0075

0,49

0,02

Loading

Dermal

3,00

0,49

6,12

Application

Respiratory

0,012

0,49

0,02

Dermal

0,45

0,49

0,92

 

Total

3,5

0,49

7,08

 

Op basis van deze risicoschatting kunnen risico’s niet uitgesloten worden voor de onbeschermde toepasser. Goed gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen kan de risico-index terugbrengen tot een aanvaardbaar niveau.


Ook wanneer uitgegaan wordt van de voorgestelde eindpunten in de DAR (dermale absorptie en semichronische AOEL) kan goed gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen de risico-index terugbrengen tot een aanvaardbaar niveau. De toegelaten toepassingen van TARGA PRESTIGE zullen daarom geen risico voor de toepasser met zich meebrengen.

Deze persoonlijke beschermingsmiddelen zijn al op het huidige etiket opgenomen.

 

Particuliere toepasser

n.v.t.

 

Herbetreding

Kort na toepassing van TARGA PRESTIGE in de verschillende toepassingen is het niet te verwachten dat er herbetredingswerkzaamheden zullen plaatsvinden waarbij intensief contact met het gewas optreedt. De toegelaten toepassingen van TARGA PRESTIGE zullen daarom geen risico tijdens herbetreding met zich meebrengen.

 

Omstander

Bij neerwaartse machinale toepassing van TARGA PRESTIGE is het aannemelijk dat de blootstelling van de omstanders aanzienlijk lager (<5%) is dan de blootstelling van de toepasser. De toegelaten toepassingen van TARGA PRESTIGE zullen daarom geen risico voor de omstander met zich meebrengen.

 

Volksgezondheid

Blootstelling aan quizalofop-P-ethyl kan optreden door consumptie van met TARGA PRESTIGE behandelde gewassen. TARGA PRESTIGE wordt toegepast op de eetbare gewassen aardappelen, suikerbieten, erwten, aardbeien en prei. Ook wordt TARGA PRESTIGE toegepast op voederbieten. Verder wordt TARGA PRESTIGE ook toegepast op gras, maar het betreffende gras mag na behandeling niet vervoederd worden. In collegestuk  C160_3_7 is de meest recente risicoschatting voor de volksgezondheid gemaakt. Aangezien in de Regeling Residuen voor alle gewassen een MRL van 0,05 (detectielimiet) is vastgesteld, zijn geen nationale innameberekeningen uitgevoerd.

 

In de DAR wordt een MRL van 0,1 mg/kg voorgesteld voor suikerbieten en een ADI van
0,009 mg/kg lg voor quizalofop-P-ethyl voorgesteld. In de DAR worden innameberekeningen beschreven gebaseerd op 97.5 percentielen van UK consumpiegegevens. De geschatte innames variëren van 14% van de ADI voor thuiswonende bejaarden tot 62% van de ADI voor toddlers. De geschatte innames op basis van het WHO Europese dieet bedroegen 1.3 – 5.5% van de ADI.

 

Er zijn bij de toegelaten gebruiken van TARGA PRESTIGE geen nadelige effecten op de volksgezondheid te verwachten. 

 

CONCLUSIE

Risico professionele toepasser

Vastgesteld is dat er geen onaanvaardbare effecten te verwachten zijn met pbm, reeds voorgeschreven op het etiket

Risico particuliere toepasser

n.v.t.

Risico herbetreding

Vastgesteld is dat er geen onaanvaardbare effecten te verwachten zijn.

Risico omstanders

Vastgesteld is dat er geen onaanvaardbare effecten te verwachten zijn.

Risico volksgezondheid

Vastgesteld is dat er geen onaanvaardbare effecten te verwachten zijn.

 

Bevinding

Vastgesteld is dat er geen onaanvaardbare effecten te verwachten zijn.

 

 

GERAADPLEEGDE BRONNEN / MODELLEN

Eindpunten

DAR januari 2007, C43_3_7

Blootstelling professionele toepasser

EUROPOEM

Blootstelling particulier toepasser

n.v.t.

Blootstelling herbetreding

EUROPOEM

Blootstelling omstanders

EUROPOEM

Blootstelling volksgezondheid

DAR januari 2007, C160_3_7

* Indien de blootstelling voor 25d berekend is, omdat geen andere gegevens gebruikt kunnen worden uit het CTB dossier, het model aangeven waarmee de blootstelling is berekend.

 

 

RISICO-EVALUATIE MILIEU

 

TOEPASSINGSGEGEVENS

Herbicide tegen eenjarige grassen, bodemtoepassing, 0,05 – 0,15 kg/ha.

 

 

KWALITATIEVE BEOORDELING

Persistentie bodem

Quizalofop-P-methyl en alle metabolieten >10% hebben DT50 <90 dagen.

Grondwater

PELMO Kremsmunster: actieve stof en alle metabolieten <0,01 µg/L.

Oppervlaktewater (drinkwatercriterium)

Uit de algemene wetenschappelijke kennis die het CTB heeft achterhaald over het middel en de werkzame stof is het CTB van oordeel dat er in dit geval geen concrete aanwijzingen zijn voor zorg omtrent de gevolgen van dit middel bij gebruik conform het gebruiksvoorschrift voor oppervlaktewater waaruit drinkwater wordt gewonnen. In het licht van deze benadering verwacht het CTB geen overschrijding van de drinkwaternorm. Er wordt voldaan aan de norm voor oppervlaktewater bestemd voor de bereiding van drinkwater zoals opgenomen in Bubg.

 

Zoogdieren

Geen onaanvaardbare risico’s. Alle TER >5 (chronisch) en >10 (acuut).

Vogels

Geen onaanvaardbare risico’s. Alle TER >5 (chronisch) en >10 (acuut).

Waterorganismen

Laagste waarde is de EC50 van 21 µg/L voor algen; en de NOEC van 23 µg/L voor D. magna.

De initiële PEC bedraagt 0,7 µg/L. De TER bedraagt 30 (alg; norm is >10)) en 33 (Daphnia; norm is >10).

NB: herbiciden tegen monocotylen; Lemna was minder gevoelig dan alg.

Bioaccumulatie

De BCF is 380 L/kg. Het risico voor doorvergiftiging van gewervelden is aanvaardbaar.

Bijen en hommels

Geen onaanvaardbare risico’s

Niet-doelwitarthropoden

Geen onaanvaardbare risico’s

Regenwormen

Geen onaanvaardbare risico’s

Bodemmicro-organismen

Geen onaanvaardbare risico’s

Terrestrische planten

nvt

Actief slib RWZI’s

Geen onaanvaardbare risico’s. EC50 >100 mg/L

Overige opmerkingen

 

 

CONCLUSIE

 

voldoet aan UB*

Persistentie bodem

Ja

Uitspoeling grondwater

Ja

Oppervlaktewater (drinkwatercriterium)

Ja

Risico zoogdieren

Ja

Risico vogels

Ja

Risico waterorganismen

Ja

Risico bijen en hommels

Ja

Risico niet-doelwitarthropoden

Ja

Risico regenwormen

Ja

Risico bodemmicro-organismen

Ja

Risico terrestrische planten

nvt

Risico actief slib (RWZI)

Ja

* vermeld: nvt (indien compartiment niet bereikt wordt), ja, of nee.

 

Bevinding

Vastgesteld is dat er geen onaanvaardbare effecten te verwachten zijn.

 

 

 

GERAADPLEEGDE BRONNEN

CTB dossier

 

EU Monografie

Concept LoE 2-1-2007

 

 

 

 

 

 

EINDCONCLUSIE

Vastgesteld is dat er geen onaanvaardbare effecten te verwachten zijn.

 

 

ETIKETERING EN WG/GA

De huidige etikettering en WG/GA wordt gehandhaafd.


Bijlage 1 GAP tabel