Toelatingsnummer 12709 N

     

 

Goltix 70 WG  

 

12709 N

 

 

 

 

 

 

 

Het College voor de Toelating

van Bestrijdingsmiddelen,

 

 

beslissende op de aanvraag d.d. 27 mei 2005 (aanvraagnummer 20050194 TA) van

 

            AAKO B.V.

            Arnhemseweg 87

            3832 GK  LEUSDEN

             

 

 

tot verkrijging van een toelating als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Bestrij­dings­middelen­wet 1962 (Stb. 288) voor het middel

 

Goltix 70 WG,

 

gelet op de artikelen 3, 3a, 4 en 5 van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962,

 

BESLUIT:

 

 

§ I            Toelating

  1. Het bestrijdingsmiddel Goltix 70 WG wordt toegelaten in de zin van artikel 2, eerste lid, van de Bestrij­dings­middelen­wet 1962, onder nummer en datum dezes.
  2. Het middel wordt toegelaten tot het tijdstip waarop de lidstaten maatregelen genomen hebben om de nationale toelating in overeenstemming te brengen met het besluit over de werkzame stof van de Europese Commissie.

 

 

 

§ II  Samenstelling, vorm en afwerking

Onverminderd hetgeen omtrent de samenstelling, vorm en afwerking bij de Regeling samenstelling bestrij­dingsmiddelen is bepaald, moeten:

  1. de samenstelling, vorm en fysische toestand van het middel alsmede de chemische en fysische eigenschappen daarvan overeenkomen met de bij de aanvraag tot toelating verstrekte gegevens, alsmede met het bij de aanvraag tot toelating verstrekte monster.

 

§ III  Gebruik

Het bestrijdingsmiddel mag slechts worden gebruikt met inachtneming van hetgeen in
bijlage I dezes onder A. is voorgeschreven.

 

 


 

§ IV Verpakking en etikettering

 

  1. De aanduidingen, welke ingevolge artikel 36 van de Wet milieugevaarlijke stoffen en artikelen 14, 15a, 15b, 15c en 15e van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten (voor gewasbeschermingsmiddelen, voor biociden 15e is 15d) op de verpakking moeten worden vermeld, worden hierbij vastgesteld als volgt:

 

Overeenkomstig artikel 15c, lid 1, onder b van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten:

 

-          aard van het preparaat: granulaat of korrel

 

Overeenkomstig artikel 15d, lid 1 (biociden) en artikel 15e, onder b (gewasbeschermingsmiddelen) van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten:

 

-    Werkzame stof:

-    Gehalte:

 

 

metamitron

70 %

 

Overeenkomstig artikel 14, lid 1 tot en met lid 3 van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten:

 

-          andere zeer giftige, giftige, bijtende of schadelijke stof(fen):  

-

 

 

  1. Behalve de onder 1. bedoelde en de overige bij de Wet Milieugevaarlijke Stoffen en de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten voorge­schreven aanduidingen en vermeldingen moeten op de verpakking voorkomen:

 

a.      hetgeen in bijlage I onder A. is vermeld.

 

b.      de in bijlage I dezes onder B. opgenomen tekst, met dien verstande, dat niet alle daarin aangegeven toepassingen behoeven te worden vermeld en de inhoud dier tekst slechts mag worden aangevuld met technische aanwijzingen voor een goede bestrijding, mits deze niet met die tekst in strijd zijn.

 

c.      overeenkomstig artikel 14, lid 4 tot en met lid 13 van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten, letterlijk en zonder enige aanvulling, tenzij bij de veiligheidsaanbeveling cursief is aangegeven dat een keuze moet worden gemaakt; dan dient de optie die van toepassing is op het etiket te worden vermeld:

 

-    Gevaarsymbool:

-    Aanduiding:

 

 

Xn

Schadelijk

 

 

N

Milieugevaarlijk

 

-          Waarschuwingszinnen:

Schadelijk bij opname door de mond.

Vergiftig voor in het water levende organismen; kan in het aquatisch milieu op lange termijn schadelijke effecten veroorzaken.

 

-          Veiligheidsaanbevelingen:

In geval van inslikken onmiddellijk een arts raadplegen en verpakking of etiket tonen.

Voorkom lozing in het milieu. Vraag om speciale instructies / veiligheidsgegevenskaart.

 

d.      overeenkomstig artikel 14, lid 13 en lid 14 van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten, letterlijk en zonder enige aanvulling:

 

-          Specifieke vermeldingen:

 

Volg de gebruiksaanwijzing om gevaar voor mens en milieu te voorkomen.

 

e.   - 

 

f.    n.v.t. 

 

g.   n.v.t. 

 

h.   n.v.t. 

 

 

§ V

 

Een afgeleide toelating is een toelating voor een bestrijdingsmiddel dat reeds onder een andere handelsnaam is toegelaten en dat in onveranderde samenstelling voor eenzelfde doel zal worden gebruikt als voorzien in de oorspronkelijke toelating. Een verklaring is overgelegd van de leverancier/toelatinghouder van het betrokken bestrijdingsmiddel, waaruit blijkt dat deze er geen bezwaar tegen heeft dat dit middel onder de naam Goltix 70 WG in de handel zal worden gebracht.

 

 

 

Degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken kan gelet op artikel 8 van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 en artikel 7:1, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, binnen zes weken na de dag waarop dit besluit bekend is gemaakt een bezwaarschrift indienen bij het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen. Een dergelijk bezwaarschrift dient te worden geadresseerd aan: Het College voor de Toelating van Bestrijdingsmiddelen, Postbus 217, 6700 AE WAGENINGEN.

 

 

Wageningen, 24 juni 2005

 

 

HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN BESTRIJDINGSMIDDELEN,





(secretaris/directeur)

 



HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN BESTRIJDINGSMIDDELEN

 

BIJLAGE I  bij het toelatingsbesluit van het middel Goltix 70 WG,

toelatingsnummer 12709 N

 

A.

WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT

 

Toegestaan is uitsluitend het gebruik als onkruidbestrijdingsmiddel in de teelt van suikerbieten, voederbieten en kroten, alsmede in de teelt van bloembollen, bolbloemen en Tagetes.

Gebruik van dit middel in grondwaterbeschermingsgebieden als bedoeld in de
Wet bodembescherming, daaronder niet begrepen de gebieden waarbinnen uitsluitend fysische bodemaantastingen zoals grondboringen zijn verboden, is niet toegestaan op gronden met een organische stofgehalte minder dan 2% en minder dan 10% afslibbaar.

 

 

B.

GEBRUIKSAANWIJZING

 

Suiker- en voederbieten

Werking

In toepassingen voor de opkomst van de bieten werkt Goltix 70 WG als bodemherbicide, bij
na-opkomsttoepassingen is Goltix 70 WG, vooral in combinatie met Oliocin (minerale olie) of met Betanal (fenmedifam) werkzaam als bladherbicide en als bodemherbicide.

Op humeuze grondsoorten dient de voorkeur uit te gaan naar uitsluitend na-opkomsttoepassingen. Ongevoelig voor Goltix 70 WG zijn wilde haver, hanepoot, bingelkruid en wortelonkruiden.

 

Toepassing kort na zaaien tot enkele dagen voor opkomst gewas

Als preconditionering voor na-opkomsttoepassingen, onder andere indien kamille wordt verwacht, wordt de halve dosering van 2 – 3 kg/ha aanbevolen, eventueel in combinatie met profam.

De volle dosering komt vooral in aanmerking als rijenbehandeling wordt toegepast.

 

-        Op klei-, zavel- en lössgronden
tot 20% slib            4 kg/ha
20-35% slib            5 kg/ha
boven 35%            6 kg/ha

 

Een na-opkomstbehandeling is op deze grondsoorten dan vaak niet meer nodig.

 

Bij verlaging van bovengenoemde doseringen neemt de noodzaak tot na-opkomsttoepassingen toe.

 

-        Alle andere grondsoorten
Alleen indien kamille wordt verwacht: 2-3 kg/ha Goltix 70 WG
Deze bespuiting eventueel in combinatie met profam.

 

 

Toepassingen na opkomst van het gewas

Toepassingen na opkomst van de bieten zijn vooral op zand- en dalgronden van veel betekenis. Alleen als veel kamille wordt verwacht verdient het aanbeveling reeds kort na het zaaien een halve dosering Goltix 70 WG toe te passen. Op dalgronden wordt op dat moment vaak profam toegepast teneinde de kieming van de onkruiden de remmen.

 

De diverse mogelijkheden zijn in onderstaande tabel weergegeven.

 

Tijdstip

Advies: doseringen per ha

Als de eerste onkruiden opkomen

2 kg Goltix 70 WG + 2 L Oliocin

Als de bieten gestrekte kiemlobben hebben ontwikkeld

Als de bieten twee echte blaadjes volledig hebben ontwikkeld

1,5 kg Goltix 70 WG + 3 L fenmedifam

 

herhalen in dezelfde dosering

Als de eerste twee echte blaadjes van de bieten ca 1 cm groot zijn en op de twee hiervoor genoemde tijdstippen geen Goltix 70 WG werd toegepast

3 kg  Goltix 70 WG + 3 of 5 L fenmedifam, de hoogste dosis fenmedifam als zwaluwtong, varkengras en/of kleefkruid voorkomt

Na het sluiten van het gewas tegen ontsnapte grote onkruiden (noodmaatregel)

3 kg Goltix 70 WG + 0,5 – 1L Oliocin

Onafhankelijk van het gewasstadium tegen onkruiden in het kiemplantstadium

0,5-1 kg Goltix 70 WG + 0,5 –1L fenmedifam
(157 g/L) +(0,5 – 1L) minerale olie (850 g/L) (standaard geadviseerde tankmengsel), de hoogste dosering indien de onkruiden reeds een echt blaadje hebben ontwikkeld en als zwaluwtong, varkensgras en/of kleefkruid voorkomen

 

 

Waarschuwing

Voor een optimaal en veilig gebruik van Goltix 70 WG en de combinatie met fenmedifam of Oliocin dienen de volgende regels in acht te worden genomen.

 

-        De toevoeging van Oliocin of een andere minerale olie aan een tankmengsel van Goltix 70 WG en fenmedifam anders dan het standaard geadviseerde tankmengsel, is te riskant voor het gewas.

-        Aan de combinatie van Goltix 70 WG met minerale olie of met fenmedifam kunnen geen insecticiden worden toegevoegd.

-        Niet toepassen bij te verwachten nachtvorst of in een periode met temperaturen boven 25ºC.

-        Bij temperaturen overdag boven 20ºC dient de bespuiting bij voorkeur in de avonduren te worden uitgevoerd.

-        De selectiviteit van de aanbevolen toepassingen van Goltix 70 WG in bieten is groot.
De verdraagzaamheid van bieten neemt echter af, wanneer het gewas te lijden heeft van ongunstige groeiomstandigheden ten gevolge van bijv. nachtvorst, extreme temperatuurschommelingen, hagel, verslemping van de grond, hoge zoutconcentratie, insectenvraat en schimmelaantastingen.

 

Nateelt

Mislukt een bietengewas door welke oorzaak dan ook (bijv. vorstschade of insectenvraat) dan kunnen na een toepassing van Goltix 70 WG zonder grondbewerking weer bieten of kroten worden ingezaaid. Maïs en aardappelen kunnen worden geteeld nadat de grond is geploegd.

 

Kroten

Goltix 70 WG toepassen als bij suiker- en voederbieten, als bodemherbicide kort na zaaien en/of in combinatie met fenmedifam na de opkomst van het gewas. Bij toepassing in een teelt waarna hetzelfde jaar nog een volgteelt wordt geoogst, uitsluitend een eenmalige bespuiting met Goltix 70 WG uitvoeren of vóór de opkomst of na de opkomst van het gewas.

 

Bloembollen en bolbloemen

-        Tulpen
Spuiten in het voorjaar op onkruidvrije en enigszins vochtige grond na voorafgaande toepassing van chloorprofam ruim voor opkomst. Goltix 70 WG toepassen vanaf de opkomst voor het spreiden van het gewas (0-4 cm)

-        Irissen
Chloorprofam wordt enkele dagen na het ontdekken van het gewas toegepast. Ca.

14 dagen later wordt Goltix 70 WG verspoten.

-        Narcissen
Goltix 70 WG toepassen bij een gewaslengte van 5-10 cm.
Doseringen:
tulpen, irissen en narcissen.
Zand- en zavelgronden tot 20% slib en 2% humus:                       3 kg/ha.
Zavel- en kleigronden boven 20% slib en 2% humus:            4 kg/ha.

-        Lelies
Goltix 70 WG toepassen rond de opkomst van het gewas.
Doseringen:
Zand- en zavelgronden tot 20% slib en 2% humus                        3 kg/ha.
Zavel- en kleigronden boven 20% slib en 2% humus            4 kg/ha.

 

Wanneer na de opkomst van de lelies onkruiden voorkomen kan een bespuiting met Goltix 70 WG + Oliocin worden uitgevoerd, zodra deze onkruiden verschijnen. Indien nodig kan deze bespuiting worden herhaald.

Dosering:
3 kg Goltix 70 WG + 5L Oliocin per ha.

 

Onder glas

Goltix 70 WG toepassen zolang de spruiten nog gesloten en maximaal 10 cm hoog zijn.
Tegen de avond spuiten met 5 liter water per are op een droog gewas en de volgende morgen afbroezen. Goltix 70 WG maximaal 2 maal per jaar toepassen.
Geen groentegewassen natelen.

 

Dosering:

20 gr/are
Indien gemengd met een ander in deze teelt toegelaten onkruidbestrijdingsmiddel kan de dosering worden verlaagd tot 10 gr/are. Zie hiervoor ook de adviezen van de voorlichtingsdienst.

 

-        Andere bloembolgewassen
In andere bloembolgewassen is weinig of geen ervaring opgedaan. Een deel van het sortiment verdraagt Goltix 70 WG, een ander deel niet. Informeer dus, voordat u gaat spuiten, bij de voorlichtingsdienst of de fabrikant.

 

N.B.

Voor alle toepassingen in bloembollen geldt:

-        Indien hem geen ervaringen bekend zijn, dient de teler zelf door het uitvoeren van een kleine proefbespuiting te onderzoeken of het middel wordt verdragen.

-        Goltix 70 WG niet toepassen op spuittuinen en diepgeploegde zandgronden.

-        Spuiten op een droog gewas en niet kort na of kort voor nachtvorst.

-        Op de dag van spuiten moet het droog weer zijn.

-        Op grondsoorten met meer dan 5% humus wordt de bodemwerking van Goltix 70 WG wisselvallig.

 

Tagetes

Na opkomst van Tagetes als het gewas minimaal 4 cm hoog is, spuiten op pas gekiemde onkruiden.

Het middel dient altijd in combinatie met een bladherbicide zoals Betanal (2-4 L/ha) gespoten te worden.

Dosering:

Goltix 70 WG 1-2 kg/ha

De hogere doseringen aanhouden indien het onkruid groter is dan 2-4 bladstadium.

Toepassen met maximaal 500 liter water per ha op een droog gewas bij een temperatuur lager dan 20ºC en niet bij felle zonneschijn.

Bij nieuw kiemende onkruidplantjes dient de bespuiting herhaald te worden. Er kan enige bladverbranding van Tagetes optreden, dit herstelt echter snel.

 

 

 

Wageningen, 24 juni 2005

 

 

HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN BESTRIJDINGSMIDDELEN,





(secretaris/directeur)