Toelatingsnummer 12228 N

Pyramin DF  

 

12228 N

 

 

 

 

 

 

 

 

HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN

GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN

 

1 WIJZIGING TOELATING AMBTSHALVE

 

Ambtshalve wijziging van een toelating het gewasbeschermingsmiddelop basis van de werkzame stof  chloridazon

 

gelet op artikel 41, vierde lid, Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Staatsblad 2007, 125)

 

BESLUIT HET COLLEGE als volgt:

 

§ I  Wijziging toelating

De toelating van het middel Pyramin DF is laatstelijk bij besluit d.d. 13 april 2007 verlengd tot 31 december 2008. De toelating van het middel Pyramin DF wordt gewijzigd en is met ingang van datum dezes toegelaten voor de in bijlage I genoemde toepassingen.Voor de gronden van dit besluit wordt verwezen naar bijlage II bij dit besluit.

 

§ II  Samenstelling, vorm en verpakking

De toelating geldt uitsluitend voor het middel in de samenstelling, vorm en de verpakking als waarvoor de toelating is verleend.

 

§ III  Gebruik

Het middel mag slechts worden gebruikt met inachtneming van hetgeen in bijlage I onder A bij dit besluit is voorgeschreven.


 

§ IV Classificatie en etikettering

 

1.    De aanduidingen, welke ingevolge artikel 36 van de Wet milieugevaarlijke stoffen en artikelen 14, 15a, 15b, 15c en 15d van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten op de verpakking moeten worden vermeld, worden hierbij vastgesteld als volgt:

 

aard van het preparaat: Water dispergeerbaar granulaat

 

werkzame stof:

gehalte:

chloridazon

65 %

 

 

op verpakkingen die (mede)  bestemd zijn voor huishoudelijk gebruik: het kca-logo

(het kca-logo is het logo voor klein chemisch afval bestaande uit een afvalbak met een kruis erdoor als opgenomen in bijlage III bij de genoemde Nadere regels)         

 

letterlijk en zonder enige aanvulling:

 

andere zeer giftige, giftige, bijtende of schadelijke stof(fen):  

-

 

gevaarsymbool:

aanduiding:

Xn

Schadelijk

N

Milieugevaarlijk

 

Waarschuwingszinnen: 

 

Schadelijk bij opname door de mond.

Zeer vergiftig voor in het water levende organismen; kan in het aquatisch milieu op lange termijn schadelijke effecten veroorzaken.

 

Veiligheidsaanbevelingen:

 

Niet roken tijdens gebruik.

Draag geschikte handschoenen en beschermende kleding.

In geval van inslikken onmiddellijk een arts raadplegen en verpakking of etiket tonen.

Deze stof en de verpakking als gevaarlijk afval afvoeren. (Deze zin hoeft niet te worden vermeld op het etiket indien u deelneemt aan het verpakkingenconvenant, en op het etiket het STORL-vignet voert, en ingevolge dit convenant de toepasselijke zin uit de volgende verwijderingszinnen op het etiket vermeldt:

1)      Deze verpakking is bedrijfsafval, mits deze is schoongespoeld, zoals wettelijk is voorgeschreven.

2)      Deze verpakking is bedrijfsafval, nadat deze volledig is geleegd.

3)      Deze verpakking dient nadat deze volledig is geleegd te worden ingeleverd bij een KCA-depot. Informeer bij uw gemeente.)

Voorkom lozing in het milieu. Vraag om speciale instructies / veiligheidsgegevenskaart.


 

Specifieke vermeldingen:

-

2.    Behalve de onder 1. bedoelde en de overige bij de Wet Milieugevaarlijke Stoffen en Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten voorge­schreven aanduidingen en vermeldingen moeten op de verpakking voorkomen:

 

a.       letterlijk en zonder enige aanvulling:
het wettelijk gebruiksvoorschrift
De tekst van het wettelijk gebruiksvoorschrift is opgenomen in Bijlage I, onder A.

 

b.      hetzij letterlijk, hetzij naar zakelijke inhoud:
de gebruiksaanwijzing
De tekst van de gebruiksaanwijzing is opgenomen in Bijlage I, onder B.
De tekst mag worden aangevuld met technische aanwijzingen voor een goede bestrijding mits deze niet met die tekst in strijd zijn
.

 

c.      bij het toelatingsnummer een cirkel met daarin de aanduiding W.2.

 

§ V Aflever- en opgebruiktermijn

Op grond van artikel 41, vijfde lid, Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en het besluit Bestuursreglement opgebruik- en afleveringstermijn Ctgb 2007 mag het middel Pyramin DF voor niet meer toegelaten toepassingen:

·         voor de periode van 26 oktober 2007 tot 30 juni 2008 nog worden gebruikt en in  voorraad of voorhanden worden gehouden;

·         voor de periode van 26 oktober 2007 tot 30 maart 2008 nog op de markt worden gebracht.

 

 

 

Degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken kan gelet op artikel 119, eerste lid, Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 7:1, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, binnen zes weken na de dag waarop dit besluit bekend is gemaakt een bezwaarschrift indienen bij: het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb), Postbus 217, 6700 AE WAGENINGEN. Het Ctgb heeft niet de mogelijkheid van het elektronisch indienen van een bezwaarschrift opengesteld.

 

 

Wageningen, 26 oktober 2007

 

 

HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN  GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN  BIOCIDEN,





(voorzitter)

Aan:

BASF Nederland B.V.
Groningensingel 1
6835 EA  ARNHEM



HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN

 

BIJLAGE I bij het besluit d.d. 26 oktober 2007 tot wijziging van de toelating van het middel Pyramin DF, toelatingnummer 12228 N

 


A.

WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT

 

Toegestaan is uitsluitend het gebruik als onkruidbestrijdingsmiddel in de teelt van:

a.    suikerbieten, voederbieten, zaadbieten en pootbieten;

b.    zaaiuien, eerstejaars plantuien, tweedejaars plantuien en sjalotten;

c.    kroten;

d.    bloembolgewassen;

e.    boomkwekerijgewassen.

 

Op bieten- en krotenpercelen die grenzen aan watergangen is gebruik uitsluitend toegestaan indien gespoten wordt met een spuitdop van de driftreductieklasse van minimaal 90 dan wel met een rijenspuit. Indien op deze percelen het middel uitsluitend na opkomst wordt toegepast, is gebruik toegestaan met driftarme doppen conform het lozingsbesluit.

 

Op bloembollen- en uienpercelen die grenzen aan watergangen is gebruik uitsluitend toegestaan indien gespoten wordt met een spuitdop van de driftreductieklasse van
minimaal 75.

 

Op boomkwekerijenpercelen die grenzen aan watergangen is gebruik uitsluitend toegestaan indien gespoten wordt met een spuitdop van de driftreductieklasse van minimaal 90.

 

Het middel is uitsluitend bestemd voor beroepsmatig gebruik.

 

Veiligheidstermijn:

Zaaiuien, eerstejaars plantuien, tweedejaars plantuien en sjalotten: 90 dagen.

                                                                                                          

 

 

B.

GEBRUIKSAANWIJZING

 

TOEPASSINGEN

 

Bieten (suiker-, voeder- en zaadbieten en pootbietjes)

Na zaai:

Pyramin DF bij voorkeur direct na zaai of poten toepassen op vochtige grond, op een voldoende fijn en goed aaneengesloten liggend zaaibed.

Doseringen:

De richtdosering is 4 kg per ha (volvelds).

Op humusarme zandgronden, zeer lichte zavel en zandkoppen in de polders 2-3 kg per ha gebruiken.

 

Tijdens en na opkomst:

Pyramin DF kan tijdens en na opkomst van de bieten in combinatie met andere daarvoor toegelaten herbiciden worden toegepast op kleine onkruiden.

 

Dosering:

·       op kiemend onkruid: 0,5 kg/ha

·       op onkruiden met 1 echt blad, vanaf gestrekt kiembladstadium van de bieten: 0,75 kg/ha

·       op onkruiden met 2 echte blaadjes, vanaf begin tweebladstadium van de bieten:
0,95 kg/ha

 

Opmerkingen:

·       In totaal maximaal 4 kg Pyramin DF toepassen.

·       Bij temperaturen boven 23°C in na opkomst tegen de avond spuiten.

 

 

Zaaiuien, eerstejaars plantuien, tweedejaars plantuien en sjalotten

Pyramin DF dient na opkomst van het gewas te worden toegepast op zeer kleine onkruiden, in combinatie met een ander daarvoor toegelaten herbicide. De toepassing herhalen wanneer weer jong onkruid verschijnt.

Dosering:   0,5 kg Pyramin DF per ha.

                   Vanaf 4 cm gewaslengte kan de dosering worden verhoogd tot 1 kg per ha.

 

Kroten (rode bietjes)

Na zaai:

Dosering:   2 tot 4 kg Pyramin DF per ha, afhankelijk van de grondsoort (zie onder bieten).

 

Bloembollen

Pyramin DF kan in de bloembollenteelt uitsluitend worden gebruikt voor de onkruidbestrijding in tulpen, irissen, narcissen, hyacinten en lelies. Voor een goed effect is een voorafgaande behandeling met chloorprofam (chloor-IPC) noodzakelijk.

Spuit niet in perioden met nachtvorst of na stuifschade.

 

Tulp

Alleen gebruiken op zavel en kleigronden met tenminste 20% slib en 2% humus.

Toepassen kort vóór of na de opkomst, doch in ieder geval voor het spreiden van het gewas. Uitsluitend vóór de opkomst kan Pyramin DF gecombineerd worden gespoten met chloorprofam.

Dosering:   max. 3 kg per ha.

 

Iris

Alleen gebruiken op zavel en kleigronden met tenminste 20% slib en 2% humus.

Toepassen ca. 7-10 dagen na een voorafgaande bespuiting (enkele dagen na het ontdekken) met chloorprofam.

Dosering:   max. 3 kg per ha.

 

Narcis

Toepassen ca. 2 weken na een voorafgaande bespuiting (enkele dagen na het ontdekken) met chloorprofam.

Niet toepassen op humusarme zandgronden (nieuwe tuinen).

Dosering:   2 kg per ha.

 

Hyacint

Toepassen ca. 7-10 dagen een voorafgaande bespuiting (enkele dagen na het ontdekken) met chloorprofam.

Pyramin DF alleen toepassen bij grotere maten (vanaf 9 cm) en uitsluitend tot een spruitlengte van 5 cm.

Niet toepassen op humusarme zandgronden (nieuwe tuinen).

Dosering:   1,5-2 kg per ha.

 

 

Lelies

Toepassen rond of kort na de opkomst na een voorafgaande bespuiting (ruim voor opkomst van het gewas) met chloorprofam. Alleen spuiten op een afgehard gewas bij temperaturen beneden 20°C. Als men na de toepassing wil beregenen, dient men hiermee minstens 1 dag te wachten.

Dosering:   2 kg per ha.

 

Boomkwekerijgewassen

Pyramin DF kan in de boomteelt gebruikt worden als bodemherbicide kort na het zaaien in de teelt van zaailingen. In verband met de kans op schade en de beperkte ervaring is het gebruik vooralsnog alleen verantwoord op grondsoorten met een organisch stofgehalte van minimaal 5%. Bij organische stofgehaltes boven 10% is de werking onvoldoende.

Dosering:   4 kg per ha.



HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN BESTRIJDINGSMIDDELEN

 

BIJLAGE II bij het besluit d.d. 26 oktober 2007 tot wijziging van de toelating van het middel Pyramin DF, toelatingnummer 12228 N

 

In het Wettelijk Gebruiksvoorschrift en Gebruiksaanwijzing (WGGA) is sinds het middel Pyramin DF is toegelaten (2 november 2001), opgenomen dat de termijn tussen de laatste toepassing en de oogst niet korter mag zijn dan 3 maanden voor uien.

 

Uit de Collegevergadering C-114.3.6 (10 oktober 2001) blijkt dat sjalotten geëxtrapoleerd zijn vanuit proeven met uien. Voor uien geldt een veiligheidstermijn van 3 maanden. Voor sjalotten geldt dus ook een veiligheidstermijn van 3 maanden. De zin onder het kopje Veiligheidstermijn wordt daarom op grond van artikel 28 en 29 Wgb gewijzigd; ''De termijn tussen de laatste toepassing en de oogst mag niet korter zijn dan 3 maanden voor uien" wordt vervangen door
 ''zaaiuien, eerstejaars plantuien, tweedejaars plantuien en sjalotten: 90 dagen".

Om het WGGA te conformeren aan de huidige beleidslijn m.b.t. etiketteksten is de veiligheidstermijn (PHI) uitgedrukt in dagen in plaats van maanden.

 

In het kader van de uniformiteit wordt aan het Wettelijk Gebruiksvoorschrift de zin toegevoegd: Het middel is uitsluitend bestemd voor beroepsmatig gebruik.                              

 

Het College besluit de genoemde wijzigingen door te voeren.

 

Conclusie

·       In het Wettelijk Gebruiksvoorschrift wordt de zin onder het kopje Veiligheidstermijn gewijzigd. ''De termijn tussen de laatste toepassing en de oogst mag niet korter zijn dan 3 maanden voor uien" wordt vervangen door;
 ''zaaiuien, eerstejaars plantuien, tweedejaars plantuien en sjalotten: 90 dagen"

·       In het Wettelijk Gebruiksvoorschrift wordt de zin "'Het middel is uitsluitend bestemd voor beroepsmatig gebruik." opgenomen.